Land van de Zaligheden wil trekpleisters streek ‘op de kaart zetten’.
door Simon Rood
‘In Amsterdam zie je zo vijftien galerieën. Hier zijn ze ook, maar moet je zoeken’
BLADEL - De Kempen: een idyllisch, uitgestrekt gebied waar zelfs Noord-Italiaanse toeristen op de fiets doorheen trekken, van hostel naar bed and breakfast. Een gebied met heerlijke streekproducten en een bevolking die in een landschapspark woont.
Je zou het misschien niet denken, maar die kant gaat het wel op met het gebied rondom Bladel, Reusel, Eersel en Bergeijk.
De teruggang van boerenbedrijven op het Kempische platteland zorgt langzaam voor de opkomst van een nieuwe bedrijfstak: toerisme en recreatie. Om de haverklap besluit er een ex-agrariër zijn stallen om te bouwen tot toeristische verblijfplaats of recreatieplek.
Land van de Zaligheden ondersteunt deze ontwikkeling. Zij wil van de Kempen een economisch bloeiend gebied maken. Of, in de woorden van voorzitter Wino van Lieshout, het gebied ‘vermarkten’ en ‘op de kaart zetten’. "We willen mensen trekken voor een toeristisch verblijf, in overeenstemming met het landschap. Beleving en natuur gaan samen."
De eerste tekenen zijn inmiddels zichtbaar. De stichting heeft al drie ‘toeristische wegwijzers’ uitgebracht voor Bladel, Eersel en Reusel-De Mierden. Onlangs is het wandel- en fietsnetwerk ‘onthuld’, de eerste pakketten met streekproducten zijn te koop en dit jaar nog zijn her en der in het gebied ‘Land van Zaligheden ’-banken te zien.
Daar komen ook nog plattegronden langs de weg bij en - als de stichting de vergunningen rondkrijgt - schuilhutten langs wandel- en fietspaden.
Om de toerist leuke routes te laten ontdekken, studeert de stichting op gps-trajecten. Daarbij wandel je met een satellietapparaatje dat je de weg wijst.
Als het om toerisme gaat, speelt commercie een rol. Dat verhelen de bestuursleden niet; bijna allemaal runnen ze bedrijven. "We willen consumenten in contact brengen met ondernemers", aldus Van Lieshout, eigenaar van recreatiebedrijf Hoeve Biestheuvel in Hoogeloon.
De stichting maakt daarmee tegelijkertijd Kempenaren (en uiteindelijk hopelijk ook bezoekers van buiten) bewust wat er te doen is in deze omgeving. "Mensen weten maar half wat er speelt", meent bestuurslid Ivo Kaanen. "Als je in Amsterdam bent, loop je zo tegen vijftien galerieën aan. Hier moet je die echt zoeken, maar er zijn er volop."
Een handig middel bij deze promotie is de website van de stichting. Als de pagina binnenkort is opgetuigd, kunnen bezoekers zelfs online een weekendje in een bed and breakfast boeken, of een mandje streekproducten bestellen.
En weet de Reuselnaar wel dat Zwarte Kater een heerlijk Bladels likeurtje is? Of kennen ze in Oerle de dressing van Smaakgeheimen uit Eersel? Of Kempenkaas?
Om culinaire heerlijkheden uit de Zaligheden te promoten, gaat de stichting volgend jaar - waarschijnlijk in Eersel - een heuse streekproductenmarkt houden.
Wat het Land van de Zaligheden doet, komt deels overeen met het werk van de VVV. Maar wanneer bedrijven meedoen, gaat het net wat makkelijker, ook met geld, meent Van Lieshout. "We willen bewoners enthousiast maken en met elkaar in contact brengen. Inwoners moeten trots zijn dat ze in de Zaligheden wonen."
Auteur:
Simon Rood
Editie:
Krijsende papegaaien langs Kempische zandweg
Door Peter van Vlerken
Deel 8: Het ommetje Zandoerle-Wintelre.
Onderweg naar Zandoerle vliegt een kraai
voorbij met een frietbakje in zijn snavel. Wat daarvan te denken? Ik houd het
erop dat niet alleen de mens maar ook het dier zichzelf een raadsel is.
Gerrit Jenniskens maakt met een riek de grond los in wat bekend staat als de
Dwaaltuin. Voor een paar euro kun je daar ronddolen tussen 800 plantensoorten,
in 10 jaar tijd hoogstpersoonlijk gepoot door hem en echtgenote Annie.
Hij plukt wat onkruid. „Dit”, laat hij zien, „is wilde
veldkers”. Omdat het zich zo snel uitzaait noemt hij het ‘Jumping
Jesus’. En verder waarschuwt hij mij voor kakelende kippen als ik -haan
me met zijn Annie en Elsbeth Harting opmaak voor het ommetje van Zandoerle
naarWintelre en terug.
Hij zal gelijk krijgen.
Elsbeth drijft een Engels aandoende Theetuin achter haar oude, verbouwde
boerderijtje inWintelre. Ze schenkt dertien soorten thee, waaronder
‘Bloemenweelde’.
Omdat Annie en Elsbeth hun ommetje hebben uitgezet tussen Dwaal- en Theetuin
(routebeschrijvingen daar te verkrijgen) en ik commerciële bedoelingen
vermoed, toon ik me wat aarzelend het op te nemen in deze serie wandelstukjes.
Annie en Elsbeth verhelen niet dat ze met hun pad bekendheid willen generen
voor beider onderneminkjes, maar verzekeren dat ze het puur voor de hobby
doen.
Die verklaring is tamelijk overbodig, want voor een punt kersenvlaai bij de
een en een brok appeltaart bij de ander ben ik tot veel, zo niet alles
bereid.
Bovendien wordt de twijfel weggenomen door de schoonheid van de oude
Kempische zandwegen, te beginnen bij de Wintelresedijk, waar de route
overheen voert.
Vanaf het pad openbaart zich een pastoraal landschap van akkers, grasland,
bloemenweiden, aspergebedden en wat met een ouderwets woord ‘
bosschages’ heten.
Een molen hier, een torenspits ginds. Het uitzicht is om in stilte naar te
staren, maar daar zijn - ik was gewaarschuwd - de dames niet zo van.
„Het voordeel van wandelen”, vindt Annie, „is dat mensen
nog eens tot een gesprek komen”. Wat heet, zij en Elsbeth kletsen mij
de oren van de kop.
Zolang zij tegen een plagerijtje kunnen, vind ik alles prima. Voor een
journalist is het wel eens lekker geen vragen te hoeven stellen.
Annie over het nabijgelegen Eindhoven Airport: „Je kunt hier ook als
vliegtuigspotter je hart ophalen.”
Elsbeth vindt exotisch gekleurde veren bij het van krijsgeluiden vergeven
Papegaaiencentrum: „Kun je hier misschien iets mee voor je stukje in de
krant?”
Annie wijzend op de molen Sint Jan van buurtschap Hoogeind: „Daar is op
zaterdag meel te krijgen.”
Elsbeth prijst haar Schijt aan Sonja- dagen: „Wist je dat ze inWintelre
geen slager meer hebben, maar wel een bonbonmaker?”
Intussen speur ik de weg af naar sporen. Ze vormen een soort spijkerschrift
in los zand.
Ik zie afdrukken van mensenschoenen, paardenhoeven en vogelpoot-jes, maar
geen streepjes die nordic walkers tegenwoordig overal achterlaten.
„Dit pad is eigenlijk bij heel weinig mensen bekend”, legt Annie
uit. Dat is verbazingwekkend.
We stoppen even bij een vreemd begraafplaatsje. Er staat een grafzerk van Jan
Faasen, geboren in 1930. Zijn sterfdatum is open gelaten. ‘Nu voor
later’, staat erbij.
Bij de grafsteen staat een hangtafeltje. Dat belooft geen dooie boel te
worden als Jan komt te overlijden.
Hij lijkt me een wonderlijke kerel en ik neem me voor maar eens met hem te
gaan buurten eer hij het loodje legt.
Op de terugweg zeggen Annie en Elsbeth ook weer heel veel dingen, waarvan de
meeste me niet meer te binnen willen schieten.
Een ervan wel. Dat is dat mensen altijd groeten als ze elkaar in de vrije
natuur tegenkomen. Dus zeggen Annie en Elsbeth ‘hallo’ tegen een
meisje dat op een paard voorbij komt. Het meisje zegt echter niks terug.
Ze heeft de oordoppen van haar iPod in. Daardoor mist ze een hoop
damesgezelligheid, maar helemaal onbegrijpelijk is het ook weer niet.
bron: www.eindhovensdagblad.nl/ommetjes
Dwalen van Oerle naar
Wintelre Kerstwandeling met Christmas
Afternoon Tea. door onze correspondent Ad
Adriaans
WINTELRE
"Dat wordt dus toch teruglopen straks”, zegt Hans Mollen als de
grote schaal met apple crumble voor zijn neus wordt gezet. Zijn moeder, Riek
Mollen-Kelders (70), maakt op eerste kerstdag met haar kinderen en
kleinkinderen gebruik van een arrangement dat is opgezet door Dwaaltuin
’t Oerse Zand in Zandoerle en theeschenkerij Tea at Hamtingh’s in
Wintelre. Had Anny Jenniskens nog zo haar best gedaan om een mooie wandelroute
uit te stippelen van haar Dwaaltuin naar de theeschenkerij, maakt de familie
Mollen uit Eersel en Hapert gebruik van een navigatiesysteem. Zo mist ze toch
een mooi stukje buitengebied van Wintelre.
Het idee om Oerle en Wintelre via een wandelroute door het buitengebied met
elkaar te verbinden, sprak Anny Jenniskens en Elsbeth Harting, uitbaatster van
de theeschenkerij, erg aan. Jenniskens: "Afgelopen zomer is het idee
ontstaan om samen met kerst iets te doen. Het is een wandelroute geworden die
zowel vanuit Zandoerle als Wintelre gestart kan worden. In de theeschenkerij
kunnen de wandelaars na vier kilometer wandelen een Christmas Afternoon Tea
gebruiken. In de dwaaltuin kunnen bezoekers op hun gemak rondwandelen en
genieten van de kerststal.” De familie Mollen zit aan de hartige cake met
perenchutney als ze vertelt dat ze een sportieve familie is die veel wandelt en
fietst. "Maar voor de zekerheid hebben we wel een auto in Wintelre
neergezet voor het geval dat ik de wandeling terug niet meer kan maken”,
zegt Riek Mollen.
Elsbeth Harting en Henk van Ham zijn voor het eerst met Kerstmis open. "We
hebben de theeschenkerij helemaal in kerstsfeer gestoken, ook het serviesgoed.
Soms zie je een bordje de lucht ingaan als een gast wil zien of het wel echt
Wedgwood is”, zegt Harting met een lach. Het begint al donker te worden
als Hans Mollen na een glas warme mulled wine het zandpad van De Nie inloopt,
terug naar de Dwaaltuin. Zijn moeder is dan al bijna in Zandoerle. Samen met
dochter Jeanny koos Riek Mollen toch voor de behaaglijkheid van de auto.
Kerstwandelroute, nog tot en met zaterdag. Routebeschrijvingen op beide
locaties verkrijgbaar.
Christmas Afternoon Tea: reserveren gewenst (040-2052601).